Regie: Frans Weisz
Nu in de bioscoop
Na Leedvermaak en Qui Vive is Happy End het sluitstuk uit de Leedvermaak-trilogie van regisseur Weisz en scenarioschrijver Judith Herzberg. Net zoals menig film van vaderlandse makelij zijn het acteerwerk en de conversaties niet vooruitstrevend, zelfs verzwakkend. Maar toch is de hand van Weisz, een van Nederlands meest vermaarde regisseurs, duidelijk en krachtig. Hij laat ons tussen de regels lezen, waardoor een aangenaam, warm portret zichtbaar wordt.
Nu in de bioscoop
Na Leedvermaak en Qui Vive is Happy End het sluitstuk uit de Leedvermaak-trilogie van regisseur Weisz en scenarioschrijver Judith Herzberg. Net zoals menig film van vaderlandse makelij zijn het acteerwerk en de conversaties niet vooruitstrevend, zelfs verzwakkend. Maar toch is de hand van Weisz, een van Nederlands meest vermaarde regisseurs, duidelijk en krachtig. Hij laat ons tussen de regels lezen, waardoor een aangenaam, warm portret zichtbaar wordt.
Simon, een oude joodse familieman, vader van vele kinderen (van dame tot puber) met zeer uiteenlopende leeftijden, ligt zonder zich te bekommeren op zijn sterfbed. De gehele familie is in rep en roer, en diverse en vooral gemengde gevoelens komen bovendrijven. Het grote huis, wat inmiddels door de halve familie bewoond wordt, is het belangrijkste (en bijna enige) decor. Des te groter de uitdaging een film te maken die niet zal vervelen.
Weisz, zelf joods en belast met herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog, lijkt een goede manier gevonden te hebben. Elk personage krijgt enkele close ups, meeste zonder tekst, waarin ogen, voorhoofd en handen het daadwerkelijke acteerwerk dienen te doen. Wonderwel is de sterrencast, met onder andere Pierre Bokma, Rijk de Gooyer, Kitty Courbois, Edwin de Vries, Annet Nieuwenhuyzen, Catherine ten Bruggencate, Sigrid Koetse, Peter Oosthoek, hier met een ruime voldoende voor geslaagd.
Op de een of andere manier, hoe en waarom – géén idee, lijkt de Nederlandse acteur zich maar moeilijk te kunnen verplaatsen in het echte leven. Weisz heeft een zeer realistisch portret voor ogen gehad, van gewone mensen, met gewone kenmerken, in een gewone buurt (uiteráárd in Amsterdam, dat dan weer wel), waar eigenlijk niks bijzonders mee is. Ervan uitgaande dat elke lezer dezes enige sociale trekjes bezit, zal hij of zij het zonder meer met mij eens moeten zijn, dat conversaties in Nederlandse films altijd gemaakt lijken. Houterig worden te lang van te voren bedachte zinnen opgelezen, improvisatie is des duivels en wanneer er harde emoties en de gevolgen daarvan moeten worden uitgebeeld – flauwvallen na een confronterende ruzie – mist de scène elke vorm van overtuiging.
Gelukkig heeft Weisz nog een meesterlijke troef achter de hand gehouden: Rijk de Gooyer. Deze vaderlandse filmveteraan speelt de vader van Pierre Bokma, en overtuigt van iedereen het meest. Het enige wat hij doet is zitten. Niets meer – geen tekst, geen woede, geen schreeuw of snik, enkel en alleen zitten. Peter Oosthoek, die de oude Simon speelt, komt zonder meer op plaats twee. Gedragen door deze twee oude krasse knarren en het soms gestaag voortbewegen van de camera, schildert Weisz dit familieportret zoals Rembrandt De Nachtwacht ongetwijfeld bedacht had.
NELIS OOMEN
Titel: Happy End
Regie: Frans Weisz
Nu in de bioscoop
Distributeur: Benelux Film Distributors
Subscribe to this blog's feed

Comments