Dit is het derde en laatste deel van onze serie waarin Noord-Koreaanse vluchtelingen vertellen over hun verrotte land. Kwang Il-Park kwam in de problemen met de autoriteiten, omdat hij een video van een populaire soap verspreidde. Voor straf werd hij gedeporteerd naar China, maar toen hij daar verder het land in probeerde te reizen, werd hij weer teruggestuurd en gemarteld.
EERWAARDE KWANG IL-PARK
Ik ben geboren in Hamheung, een van de grootste industriesteden in Noord-Korea. Als kind was ik heel rijk, dus deed ik gymnastiek van mijn vijfde tot mijn tiende. Mijn huis was ongeveer 5 meter breed, met twee kamers. Ik deelde een kamer met mijn ouders, niet omdat mijn familie arm was, maar omdat huisvesting in Noord-Korea in handen is van de overheid. We konden geen ander huis kopen—we kregen wat de overheid ons gaf. Later moest de overheid geld lenen van mijn ouders om een huisvestingsproject af te maken. In ruil voor de gunst kregen we vijf wooneenheden in het gebouw. Hamheung lijkt veel op een Westerse industriestad, behalve dat er grote fabrieken zijn die niet draaien omdat er weinig elektriciteit is in Noord-Korea, en weinig geld en grondstoffen. In het Westen zijn fabrieken altijd open en werken er constant arbeiders. In Noord-Korea bestaan de faciliteiten wel, maar is er geen materiaal en geen elektriciteit, en dus zijn de fabrieken gesloten. Aangezien er geen werk is in de fabrieken, komen de arbeiders niet opdagen en worden ze niet betaald. Zo af en toe ontvangen de fabrieken grondstoffen van de overheid, en fabriceren ze een product dat door de overheid wordt gekocht. Maar het proces loopt vaak mank, er gaan geen producten naar de overheid en geen geld naar de fabrieken. De fabrieken liggen er stil en verlaten bij, met uitzondering van het onderhoudspersoneel en de bewakers zijn ze leeg.
De Noord-Koreaanse samenleving telt vier groepen mensen. De hoogste maatschappelijke stand bestaat uit regeringsofficieren. De tweede is de middenklasse, de derde bestaat uit gewone, doorsnee mensen en onderaan hangen de mensen met foute gedachten, de anticommunisten. De twee hoogste groepen hebben rijst en groenten, maar de onderste twee hebben niet genoeg rijst. Zij eten gras en bomen. Wanneer de lente komt, plukken ze de scheuten van eetbare bomen en grassoorten, die worden gekookt en opgegeten.
Er zijn twee grote machten in Noord-Korea, de regering en het leger. Zoals je weet is er maar één politieke macht, die van Kim Jong-il. De militaire kopmannen staan heel dicht bij Kim Jong-il. Al die mensen zitten in Pyongyang. Er zijn ook nog de provinciehoofden. Zij zijn wat we de "middenklasse" noemen, wat hier niet hetzelfde betekent- in Noord-Korea verwijst die term naar de hogere klasse. De normale klasse, mensen als wij, zijn de werkers. Ik was deel van de normale klasse, maar er was veel geld in mijn familie. Eerst dacht ik er niet aan om over te lopen, omdat ik een heel comfortabel leven leidde in Noord-Korea. Zelfs al had mijn familie geen politiek macht, dan nog kwamen veel van mijn vrienden uit de middenklasse. Maar in 1986 zag ik een soap op de zwarte markt in Noord-Korea. Het was een heel bekende Zuid-Koreaanse soap, Hourglass. Hij was enorm populair in Zuid-Korea en omdat hij zo interessant was leende ik hem aan veel van mijn vrienden uit de middenklasse, en zij leenden hem aan al hun vrienden, en de soap verspreidde zich doorheen de middenklasse. Het werd een groot probleem. Noord-Korea ging op dat moment gebukt onder een economische depressie, en de overheid wilde niet dat Westerse cultuur - die ze "Gele Cultuur" noemen - zich verspreidde in Noord-Korea. De Nationale Veiligheidsdienst trachtte erachter te komen wie begonnen was met de soap te verspreiden.
Veel mensen die de soap hadden gezien en gekopieerd kwamen uit de middenklasse, en hadden dus de macht in handen. Hun ouders werkten voor de overheid. Hoewel mijn ouders geld hadden, werkten ze niet voor de overheid. Ze hadden geen politieke macht, dus werd ik voor dit incident als zondebok aangewezen en besloot de overheid mij uit te wijzen naar China. Er moest iemand gestraft worden en daarvoor kozen ze mij. De regering zei: “Wijs hem uit naar China, en wanneer iedereen het incident is vergeten, kan hij terugkomen.”
Ik bleef een tijdje in het Wharyong gebied, omdat het dichtbij de grens ligt. Ik besloot dat ik in China wilde blijven, dus trok ik dieper het binnenland in, maar toen werd ik gesnapt en teruggestuurd naar Muan, waar ik een week lang werd ondervraagd door Noord-Koreaanse officieren. Daarna werd ik overgeplaatst naar Chung Jin en verder ondervraagd door soldaten van de Nationale Veiligheidsdienst.
Ik sliep in een kleine, betonnen kamer. 's Nachts mocht ik niet gaan liggen - de bewakers stonden het niet toe. Als deel van mijn straf moest ik zittend slapen. Ik kreeg één keer per dag een kleine kom maïs, bonen en groenten te eten. Elke dag werd ik, 40 dagen aan een stuk, naar een andere kamer gebracht met een bureau en twee stoelen en door twee mannen gemarteld. Ik was bang- doodsbang. De taak van de onderzoekers bestond erin anticommunistische spionnen te vinden, en daarom martelden ze mij. Alle botten in mijn lichaam werden gebroken. Ze stelden dezelfde vragen opnieuw en opnieuw: “Waarom liep je verder China binnen? Waar heb je de videoband gekregen? Sta je n contact met Zuid-Koreaanse spionnen? Heb je nog andere videobanden? Waarom ben je zo anticommunistisch?" Wanneer ik hun vragen niet beantwoorde of ze verkeerd beantwoorde, schopten, sloegen of ranselden ze me af met grote, houten stokken. Er is ook een marteling met de naam “duif”. Ze bonden mijn handen en voeten samen achter mijn rug en hingen me van het plafond, zodat ik door de ruimte vloog als een duif. Gewoonlijk lieten ze me zo twee tot drie uur hangen. Je hoofd is zwaar, en dus gaat het in de duifpositie naar beneden hangen, je bloed stroomt naar je gezicht en je hersenen werken niet meer zoals het moet, en dus verlies je je bewustzijn. En iedere keer dat ik van de wereld wegdraaide, dompelden ze mijn hoofd onder in water, zodat ik wakker werd en dan begon het hele gedoe opnieuw. Ik vergat vaak waar ik was wanneer ik flauw viel en dan werd ik wakker en wist ik het weer. Maar na ongeveer tien dagen geslagen en gemarteld te worden, kan je alleen nog maar denken aan het feit dat je zo vlug mogelijk wil sterven. Dus toen ik wakker werd en besefte dat ik nog in de gevangenis zat, kon ik alleen maar denken "Waarom leef ik nog? Ik wil sterven , sterven, sterven.”
Tijdens die 40 dagen ondervraging sterven inderdaad veel mensen sterven, dus verwachte ik hetzelfde. Er was geen hoop dat ik zou vrij komen en dus wou ik overal gewoon een eind aan maken: aan de fysieke pijn en de dwaasheid. Ik wou gewoon sterven. Nadat je zoveel keer bent geslagen, komt er een momnet dat je niets meer voelt, zelfs geen fysieke pijn. Je bent gewoonweg verdoofd, zoals een bokser, die tijdens een bokswedstrijd niet al te veel pijn voelt. De sensoren van je lichaam geraken verdoofd. Na een zekere tijd te zijn gemarteld kon ik dus niet veel pijn meer voelen. Toen mijn 40 dagen voorbij waren moest ik per trein naar een gevangenis worden gebracht in Noord-Korea. Op de trein was ik depressief. Ik kon de gedachte niet aan dat ik in Noord-Korea zou worden opgesloten en besloot zelfmoord te plegen. Ik sprong uit de rijdende trein en kwam op wonderlijke wijze terecht in een rivier. Ik was dus niet dood en baande mij nadien een weg tot in Zuid-Korea.
Neem inhoud van deze site over (XML)
w2jvk1 bnuewtizhsmt, [url=http://givtodmnnudg.com/]givtodmnnudg[/url], [link=http://ckaofwdxteva.com/]ckaofwdxteva[/link], http://vtzscotiuwpg.com/
Geplaatst door: tywxlrtwa | 16-12-11 om 8:11